Ontgroeven als grondhouding

door Marco Derksen op 4 mei 2025

In aflevering 82 van de podcast Strategie van de Kreeft gaan Yousri Mandour en Sven Turnhout in gesprek met Kees Tillema, onafhankelijk organisatieadviseur en auteur van het boek Ontgroeven (2021).

In Ontgroeven laat Tillema zien hoe organisaties vastlopen in voorspelbare patronen en routines die vernieuwing belemmeren. Hij pleit ervoor deze ‘groeven’ bewust te doorbreken door ruimte te maken voor chaos, creativiteit en experiment, zodat organisaties veerkrachtiger en innovatiever worden. Het boek is een uitnodiging om bestaande zekerheden los te laten en nieuwe, onverwachte paden te verkennen. Ik heb het boek destijds met veel plezier en interesse gelezen.

In het gesprek komen meerdere concepten aan bod die een alternatieve taal bieden voor organisatieverandering. Een daarvan is antifragiliteit, ontleend aan Nassim Nicholas Taleb. Volgens Tillema gaat antifragiliteit verder dan wendbaarheid of veerkracht. Waar wendbare organisaties reageren op verandering, worden antifragiele organisaties er juist sterker van — niet ondanks stress, maar dankzij stress. Die antifragiliteit is geen methode of keuze, maar een houding die zichtbaar wordt in kleine interventies en onverwachte stappen. Zo vertelt Tillema hoe zijn organisatie Het Zuiderlicht de traditionele bv-structuur losliet en overstapte naar een coöperatief model. Niet omdat het moest, maar omdat het paste bij wat het moment vroeg. “We wisten niet waar we instapten, maar we voelden dat het moest.”

Daarmee raakt het gesprek aan skin in the game, een ander kernbegrip uit het werk van Taleb. Volgens Tillema ontstaat echte betrokkenheid pas wanneer mensen het risico en de consequenties van hun handelen daadwerkelijk voelen. Niet alleen formeel eigenaarschap, maar ook het dragen van de downside van beslissingen. Hij noemt het voorbeeld van een ICT-afdeling aan een Zweedse hogeschool, waar medewerkers één dag per week hun eigen bedrijf mochten runnen. Die ervaring leidde tot meer initiatief, betere samenwerking en onverwachte bijvangst voor de rest van de werkweek. “Ze gingen elkaar aankijken als collega’s én als medeondernemers. Dat veranderde alles.”

Naast skin in the game introduceert Tillema ook soul in the game: werken vanuit innerlijke betrokkenheid en bezieling. Niet omdat het moet, maar omdat het klopt. Die houding laat zich volgens hem niet organiseren, laat staan meten. “Bezieling organiseer je niet met sessies of programma’s. Het is er al. Je moet vooral de rommel opruimen die het belemmert.”

In het boek beschrijft Tillema twaalf sleutels tot antifragiel organiseren. Een van die sleutels is via negativa: het bewust stoppen met activiteiten, structuren of procedures die niet meer bijdragen. In plaats van steeds iets toe te voegen — wat volgens Tillema de standaardreflex is in organisaties — pleit hij voor het schrappen van ballast. Bijvoorbeeld het afschaffen van medewerkerstevredenheidsonderzoeken, het loslaten van verplichte formats, of het omzetten van opleidingsbudgetten naar structureel vrij besteedbaar geld. Niet om te bezuinigen, maar om ruimte te creëren.

Een andere sleutel is bricolage — het intelligent hergebruiken van wat er al is. In plaats van telkens iets nieuws te ontwerpen, stelt Tillema voor om te knutselen met bestaande middelen, mensen en ideeën. Een oefening in creativiteit én bescheidenheid: “De mooiste dingen zijn vaak al aanwezig, ze hoeven alleen afgestoft te worden.”

Tillema is kritisch op het maakbaarheidsdenken en op de neiging om alles te vangen in plannen, stappen of formats — en daar vervolgens aan vast te houden. In het gesprek noemt hij onder meer de controlgroef, de praatgroef en de consensusgroef — patronen die ooit functioneel waren, maar inmiddels vernieuwing belemmeren. In plaats daarvan pleit hij voor het creëren van positieve ruis: kleine bewegingen die iets in gang zetten zonder vooraf vastgelegde uitkomst.

Aan het eind van het gesprek reflecteert Tillema op zijn eigen rol als adviseur. Hij heeft geen masterplan of blauwdruk. Wat hij meebrengt, is zijn enthousiasme, zijn verbeeldingskracht en zijn eigen soul in the game. “Ik voel dat dit mijn thema is. Ik breng mijn eigen risico in. En als dat mensen raakt, gebeurt er iets. Zo niet, dan niet.”

De belangrijkste les die ik uit dit gesprek haal, is dat ontgroeven geen methode is, maar een grondhouding. Een manier van kijken, voelen en handelen die zich moeilijk laat vangen in beleid of programma’s, maar juist dáár begint waar het schuurt. Waar mensen bereid zijn risico te dragen, controle los te laten en met verbeeldingskracht te werken aan het onbekende. Zoals Tillema het zelf zegt: “Veranderen is niet weten waar je instapt, maar het toch doen.”

Dank, heren, voor weer een erg mooie podcast.

Eerdere blogs over Kees Tillema:

2 reacties

Profielfoto
yousri mandour op schreef:

Geweldige samenvatting weer op ons gesprek, Marco. Ik heb deze weer met plezier gelezen! Vond het ook mooi om te zien hoe Kees ons keer op keer subtiel op een ander spoor wist te zetten. Heerlijk zo’n gesprek waarin niet de geijkte open deuren worden ingetrapt. Ook dat is voor mij ontgroeven.

Beantwoord

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Laatste blogs

Bekijk alle blogs (1322)
Contact