Blog:

Philipp Blom over de kracht van verbeelding in crisistijd

door Marco Derksen op 6 augustus 2021

Het is alweer een jaar geleden dat historicus en filosoof Philipp Blom de essay ‘Het grote wereldtoneel‘ schreef over de kracht van de verbeelding in crisistijd.

We leefden nog nooi zo lang in vredestijd, we zijn rijker dan ooit, maar toch gaat het niet goed met de samenleving volgens Blom. We zitten in de laatste fase van ons grote verhaal. Het grote verhaal dat begon in de bijbel en eindigt in het huidige marktdenken. Het verhaal van eeuwige groei en vooruitgang. We hebben een nieuw verhaal nodig aldus Blom. Klimaatprobleem of Corona ga je het best te lijf met nieuwe ideeën, met gemeenschappelijke verbeelding, met een nieuw verhaal.


Om eerlijk te zijn vond ik de essay wat langdradig en had Philipp Blom zijn punt sneller kunnen maken. Toch bracht de essay voor mij ook enkele nieuwe inzichten. Bijvoorbeeld over hoe wij als samenleving reageerden op eerdere grote veranderingen als een klimaatverandering of technologische revolutie.

Zo schrijft Blom in zijn essay over de kleine ijstijd van de tweede helft van de zestiende tot het einde van de zeventiende eeuw. Tijdens deze periode zakte de temperatuur wereldwijd met twee graden. Waarom dat gebeurde is niet duidelijk, maar wat de gevolgen ervan waren wel.

Winterlandschap (Hendrick Avercamp, 1608)

In een pre-industriële wereld, waarin het overleven van de bevolking afhankelijk was van de plaatselijke landbouw, vormden mislukte oogsten en strenge vorstperioden een existentiële bedreiging. De langzame catastrofe van de kleine ijstijd werd door mensen aanvankelijk vooral gezien als een straf van God. De mislukte oogsten waren een moreel probleem. Ze drukten Gods toorn over en bestraffing van de zonde uit aldus Blom. Er vonden boetediensten, processies en zelfkastijdingen plaats. Priesters droegen in plechtige optochten crucifixen en relikwieën de zich steeds verder uitbreidende gletsjers op om ze een halt toe te roepen. Na bijna elke mislukte oogst ging er een golf van heksenverbrandingen door het land. De vrouwen (en enkele mannen) die beschuldigd werden kregen steeds weer het verwijt dat ze de oogst en het vee hadden behekst en te gronde gericht. Duizenden mensen werden op brandstapels ter dood gebracht.

De strenge winters werden er uiteraard niet minder om en de Europeanen vonden pas geleidelijk manieren om met het ongeluk om te gaan. Langzaam verloor het oude verhaal van de goddelijke bestraffing aan geloofwaardigheid. Er ontstonden nieuwe empirische structuren en methoden om de grillen van de natuur te compenseren. De internationale handel werd versterkt, en vooral Amsterdam werd een doorgangshaven voor graan uit het Balticum, dat tot in Italië werd verkocht om mislukte oogsten goed te maken. Het agrarische, feodale fundament van Europa brokkelde af en er ontstonden nieuwe vormen van economische activiteit in de steden. En met de opkomst van de stedelijke, industriële samenleving kwam ook een nieuwe vorm van denken op: de verlichting was geboren.

Blom heeft over de geschiedenis van de kleine ijstijd uitgebreid geschreven in zijn boek ‘De opstand van de natuur‘ uit 2017.

De kleine ijstijd is een voorbeeld van hoe mensen vanuit hun verhalen uit het verleden op een veranderd heden reageren, omdat ze nog geen verhalen, nog geen beelden in hun hoofd hebben van de nieuwe realiteit.

Als tweede voorbeeld schetst Philip Blom de opkomst van de stoommachine, een uitvinding die de hele westerse wereld revolutionair zou veranderen en de industrialisering, de massaproductie, de revolutie van de fossiele brandstoffen, de verstedelijking van Europa en een nieuw tijdperk van mondiale macht mogelijk zou maken. En toch beschreven de beste wetenschappelijke geesten uit die tijd, die voor alle vernieuwingen en alle vooruitgang meer dan ontvankelijk waren, de stoommachine weliswaar als nuttig, maar ook als uiterst beperkt qua toepassing; meer een amusant filosofisch probleem dan een cruciale technologie. Men kon zich niet voorstellen wat de stoommachine zou kunnen betekenen voor de toekomst.

Er rijzen uit dat historische detail voor ons twee vragen in verband met ons heden op: wat is de stoommachine van onze tijd? En: wat zegt die selectieve en natuurlijke blindheid over het denken van de verlichting in onze tijd? In deze Brainwash Talk gaat Philipp Blom op zoek naar de stoommachine van nu.

Het leren kennen van structuren en mogelijkheden wordt moeilijker in een tijd waarin waarheid, feiten, instellingen, ideeën en allianties in toenemende mate vervagen en wegsmelten. Blom heeft het over de strijd van de verhalen. Een strijd over de vraag hoe de toekomst gedacht en aangevat kan worden, als verlenging van het heden, als terugkeer naar een ideaal verleden of als terra nova, een witte vlek op de mentale landkaart, die in kaart gebracht moet worden. En onder een gemeenschappelijk verhaal, zonder een gemeenschappelijke wil is een transformatie niet mogelijk aldus Blom.

In westerse samenlevingen wordt het steeds moeilijker zo’n gemeenschappelijkheid te garanderen. In veel samenlevingen geldt tegenwoordig nog steeds wat ook het rijke Westen gevormd heeft: het waren gedeelde trauma’s die op brute wijze een gemeenschappelijke ervaringswereld schiepen. Alle mensen waren min of meer direct het slachtoffer van een oorlog, een epidemie, een hongersnood. Ze spraken vanuit een gemeenschappelijke ervaring, breidden het beleefde uit tot verhalen om die in de eigen identiteit te kunnen integreren, er zin aan te verlenen en daaruit motivatie voor toekomstig handelen te putten. Bovendien werd de gemeenschappelijkheid streng en vaak bruut bewaakt en afgedwongen. Wie zich niet wilde of kon schikken, voelde de toorn van de meerderheid. De veilige identiteit van een collectief werd duur betaald door minderheden en zondebokken.

Meer dan ooit vertellen mensen nu binnen dezelfde samenleving, hetzelfde dorp, hetzelfde huis zelfs, verschillende verhalen, hebben ze verschillende beelden in hun hoofd over zichzelf en de wereld om zich heen. Hun levens raken elkaar amper. Ze delen met hun directe buren te weinig gemeenschappelijke ervaringen, misschien te weinig trauma’s, te weinig eenduidige en reële dreigingen, om zich onder druk en op grond van gemeenschappelijk gevoelde resonanties een te voelen in een gemeenschappelijk verhaal dat sterk genoeg is, een gemeenschappelijk belang te bepalen en daarvoor ook bereid te zijn individuele offers te brengen.

Het ligt volgens Blom voor de hand dat de klimatologische noodtoestand een gemeenschappelijke ervaring, een gedeeld trauma kan zijn, uitmondend in een nieuw gemeenschappelijk verhaal, maar dat crisisverhaal is een spel met gigantische gevaren. Het grootste is wel dat een sfeer van angst en nood in democratische staten tot nu toe tot een autoritaire ommekeer leidt, tot een gemeenschappelijk verhaal van ontkenning, vijandschap en geweld. De enige mogelijkheid om zo’n afglijden te verhinderen zou zijn een reden te creëren voor rationele hoop. Geen enkel intelligent wezen gelooft nog dat het bestaande economische systeem en het consumptieniveau van onze tijd nog een of twee generaties kan worden voortgezet, een gedachte die rond 1900 of 1950 nog vanzelfsprekend zou zijn geweest. Dat maakt wel duidelijk dat we ons aan het eind van iets bevinden.

Het manuscript van ‘Het grote wereldtoneel’ was in januari 2020 nog maar net af, of er brak een pandemie uit. Die mondiale gebeurtenis veranderde argumentatie en discussie. Een gedeelde horizon van ervaringen, isolement, angst en onzekerheid is nu het onderwerp van heftige discussies over de juiste interpretatie. De oorlog tussen verhalen is begonnen!

1 reactie

Beantwoord

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Laatste blogs

Bekijk alle blogs (750)
Contact