Nederland wil dé digitale koploper worden van Europa

door Marco Derksen op 18 juni 2018

Digitalisering transformeert wereldwijd economieën en maatschappijen in een razendsnel tempo. Nederland heeft een goede uitgangspositie om de economische en maatschappelijke kansen van digitalisering te verzilveren. De digitale infrastructuur is van wereldklasse, de beroepsbevolking is goed opgeleid en we hebben een traditie van samenwerking. Tegelijkertijd roept digitalisering ook nieuwe, fundamentele vragen op over bijvoorbeeld de bescherming van onze privacy en de toekomst van onze banen.

Om de kansen van digitalisering te benutten en antwoorden te geven op deze vragen moet Nederland voorop lopen met digitalisering. Met onderzoek, met experimenten en met het toepassen van nieuwe technologie. Afgelopen week publiceerden staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat), minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en staatssecretaris Raymond Knops (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) gezamenlijk de digitale strategie (pdf) om deze ambitie waar te maken.

Het kabinet zet in op een twee-sporen aanpak: maatschappelijke en economische kansen benutten (versnellen) en het versterken van het fundament (basisvoorwaarden). Mijn interesse daarbij gaat vooral uit naar de laatste en dan specifiek naar de visie en aanpak van de overheid mbt leven lang ontwikkelen.

Digitale ontwikkelingen zorgen voor een substantiële versnelling van het tempo waarin taken en beroepen veranderen (zie oa ICT for work: Digital skills in the workplace). Er zijn veel kansen voor meer en beter werk. Zo kan repetitief of fysiek zwaar werk door machines worden overgenomen, waardoor mensen zich kunnen richten op uitdagender en creatieve taken. Banen en taken zullen onder invloed van digitalisering veranderen en in sommige gevallen verdwijnen. Tegelijkertijd ontstaat er bijvoorbeeld een grotere behoefte aan cybersecurityspecialisten, data-analisten en app-ontwikkelaars.

Het is van belang om iedereen binnen boord te krijgen én te houden. Op de arbeidsmarkt, maar ook in de samenleving als geheel. Binnen bepaalde groepen missen relatief veel mensen basiskennis van ICT. Groepen met een hoger risico zijn mensen vanaf 45 jaar, niet-werkenden en laagopgeleiden. Daarom is het van belang dat iedereen al vroeg de basis aanleert, mensen blijven leren en ontwikkelen voor veranderende beroepen en taken, en dat we kwetsbare groepen ondersteunen.

Een sterke en breed gedragen leercultuur vraagt om een brede aanpak. Werkgevers, werknemers, opleidings- en ontwikkelingsfondsen maar ook onderwijsinstellingen, private opleiders, gemeenten, branches, regionale samenwerkingsverbanden en de Rijksoverheid spelen hierbij een rol. De primaire verantwoordelijkheid voor leven lang ontwikkelen ligt bij werkgevers en werknemers. De overheid zorgt voor de noodzakelijke randvoorwaarden en de ondersteuning van mensen zonder werkgever/ opdrachtgever.

Het kabinet komt nog voor de zomer met een uitwerking van het regeerakkoord op het gebied van leven lang ontwikkelen. De inzet richt zich op een brede aanpak om een positieve leercultuur te stimuleren, samen met sociale partners, onderwijsinstellingen en veldpartijen. Onderdeel daarvan is de individuele leerrekening en een digitaal overzicht van scholingsmogelijkheden om het individu meer eigen regie te geven. Daarnaast zullen experimenten en pilots worden gericht op een sterke leercultuur in het mkb. Ook wordt de regionale ondersteuningsstructuur via de leerwerkloketten en andere initiatieven verder versterkt. Tevens worden plannen gepresenteerd om het scholingsaanbod voor volwassenen flexibeler te maken, bijvoorbeeld via op maat gemaakte opleidingstrajecten aansluitend bij de individuele behoeften.

Bron: Rijksoverheid

2 reacties

Binnen Curriculum.nu wordt volop nagedacht over hoe het onderwijs van de toekomst er uit zou moeten zien en vanzelfsprekend krijgt het onderwerp Digitale Geletterdheid veel aandacht.

De diverse aspecten van Digitale Geletterdheid: https://www.kennisnet.nl/publicaties/werken-aan-digitale-geletterdheid-van-visie-naar-praktijk/ van de grond krijgen op een school zou al veel zoden aan de dijk zetten.

Maar ik denk (vooral als ik het woord “fundamenteel” lees ) aan deze quote van Filosoof Alessandro Baricco in De Groene, 17-5-2018: “De intelligentsia van de vorige eeuw mat zich op het humanistische vlak, in Europa althans, in Amerika niet. Daarom is het interessant om te zien dat de huidige mentale revolutie voortkomt uit een mensheid die voor 80 of 90 procent technisch ingenieur is. De intellectueel zoals we hem kennen uit de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw bestaat niet meer. En als hij bestaat is hij belachelijk, hij doet er niet meer toe. De intelligentsia van vandaag is een heel andere diersoort. Hun brille komt voort uit het gebruik van de digitale tools, de totale beheersing van die tools. Het kunnen verbinden van dingen met elkaar, bergen informatie samenbrengen met heel eenvoudige handelingen. Ze zijn in staat om iets van heel verschillende gezichtspunten te bekijken, ze werken met categorieën en mentale verbindingen die wij, kieuw-lozen niet eens kennen. Het is een vorm van intelligentie die je alleen kunt opbouwen door het dagelijks gebruik van al die spullen. Je ziet het in bepaalde kinderen, maar ook in bepaalde verlichte figuren van vandaag”.

Zou ons onderwijs niet moeten meebewegen, zich aanpassen aan een samenleving die fundamenteel aan het veranderen is. Bijvoorbeeld door programmeren en andere beta kennis en vaardigheden al vroeg structureel in te voeren.

Beantwoord

Beantwoord

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Laatste blogs

Bekijk alle blogs (568)
Contact